Brandgevaar


Door de grote opeenstapeling van houten bouwsels is er per definitie een groot brandgevaar waarvoor al de schansreglementen trouwens waarschuwen. Het reglement van Tessenderlo stelt: Niemand zal zonder kaarslantaarn of lamp mogen gaan in hut of stal, zo deze niet - gesolderd zijn -. Maakt iemand vuur bij nacht, of gaat hij zonder lantaarn over de straat: 3 goudgulden boete. Mocht iemands "timmer" door eigen nalatigheid vuur vatten, dan zal hij voor eeuwig zijn schansplaats verbeuren en mochten daardoor andere "timmeringhen" in de vlammen opgaan, dan zal hij aan allen die schade leden 100 goudpenningen uitkeren. Het schansreglement van Genebroek (Meerhout) verbiedt het stoken van vuur na 9 uur 's avonds, behalve in de hutten die voorzien waren van een schouw.

Het schansenreglement van Zelem omschrijft bijzonder uitgebreid:
- Ieder is, ertoe verplicht de schouwen goed te onderhouden en om de 14 dagen te kuisen, op de boete van 10 stuivers.

- Iedereen zal er voor zorgen op zolder niets tegen de schouw te leggen dat licht ontvlambaar is zoals hooi, stro, kemp of brem, op de boete van 30 stuivers. Voor de tweede en derde vaststelling dubbel tarief.

- Niemand mag toelaten dat zijn kinderen vuur halen en over de schans dragen, op de boete van 3 gulden.

- Bovendien zullen de echtgenoten of dienstmeiden ook geen vuur mogen halen «sonder hetselve wel te bewaeren in eenen klonck oft ketel wel toeghestopt met een deksel» op de boete van 3 gulden. .

- Wanneer door iemands onachtzaamheid de schans in brand zou komen, zal de schuldige «vervallen in peen van al wat hij heeft had en erve. Ende daerenboven sulcke familie voor eeuwiglyk gebannen uyt de heerlyckheidt alles tot profyt des beschadighden».

- Niemand mag zijn kinderen bij het vuur laten zitten «sonder ander goede hoede» op de boete van 3 gulden.

- Niemand mag zijn vee rond het vuur of in de keuken zetten «sonder gescheyt van eenen wandt» op de boete van 30 stuivers.

- Niemand mag «eenighe bedsteden omtrent het vuer daer peryeckel of soude konnen komen ten minste ses voeten van het vuer op de peen van 40 stuyvers».

- Niemand mag 's nachts in de stallen gaan, noch gevaarlijke 'plaatsen betreden met kaarsen of andere lichten zonder lantaarnen op de boete van 6 gulden.

- Niemand mag zijn kinderen laten de oven stoken «rnaer verstandt volck» , op de boete van 3 gulden.

- Na zonsondergang is het verboden de oven opnieuw aan te steken op de boete van 30 stuivers.

- Iedereen is verplicht «syn keucken daer men vuer stoockt snaghs wel schoon te houwen van strooy, kempbolsteren ende anderzints opdat ter geen ongemack deur en kompt» op de boet van 30. stuivers.

- Eenieder zal «den solder boven die keucken ten minste een ghebondt doen solderen oft plecken met leem, sender dat hoey, strooy oft andere foeyeragie meer daer al door hangt daer peryeckel af komen kan» op de boete van 30 stuivers.

- Eveneens moeten alle schouwen «die te meer voor andere daecken komen gehooght worden naer behooren» op de boete van 30 stuivers.

- Ook zal men vermijden in de mate van het mogelijke loverachtig hout te stoken of slechte brem» in die leege schouwen daer die voncken soo lichtelyck gloeiende uytvligen «op de boete van 20 stuivers.

- Niemand mag asse «op den blooten solder gieten maer in tonnen, kuypen oft andersintst staende uyt den peryeckel van strooy ende die Bouwmeesters sullen deselve moghen comen visiteeren, die plaetsen daer die liggen soo dikwyls alst hun sal believen» op de boete van 30 stuivers.