Insignes met bordpatronen

In de late middeleeuwen vormt het betekenisdragende sieraad of 'insigne' een belangrijk aspect van de beeldcultuur. Lieden van alle rangen en standen tooiden zich met hetzij goedkope, hetzij uiterst kostbare spelden ('enseignes') en hangers, waaraan door de drager en beschouwer een meerwaarde werd toegekend. Uiteraard speelde, en speelt tot op de dag van vandaag, het statusaspect een grote rol: welstand was letterlijk afleesbaar. Maar de betekenis en beladenheid van sieraden, en dus van het dragen ervan, lag echter vooral op een ander vlak. Dit impliceert de feitelijke onjuistheid van de gebruikte term: de primaire functie van het 'sieraad' was niet sierend, maar apotropaeïsch: om kwaad te weren en geluk te brengen. Anders gezegd, het ging om amuletten in zeer brede zin van het woord, waarbij sterk uiteenlopende aspecten de boventoon konden voeren. Voor de middeleeuwer was de primaire functie van religieuze en profane, van christelijke en niet-christelijke insignes niet wezenlijk verschillend.
Foto's overgenomen uit de Kunera-database bij insignes en ampulen> 'onduidelijk' > gebruiksvoorwerpen en attributen.