De Metselaar‎ > ‎Oorsprong-doel‎ > ‎Meer mededelend‎ > ‎

Hartvormen (na 1500)

 
Het gestileerde harticoon deed zijn intrede reeds in de 14de eeuw en werd vrij snel populair, weliswaar met een ronde onderkant, in de vorm van een klimopblad. Meer dan waar ook neemt het hart in de christelijke godsdienst en cultuur een prominente plaats in. Aanvankelijk als symbool van de caritas -de liefde tot God en de medemens- ontwikkelt het zich tot een symbool voor toewijding en gebed en komt het accent steeds meer te liggen op gevoel en emotie.  
 
In de loop van de 16de eeuw kreeg het icoon definitief zijn puntige onderkant en kreeg het hart een ereplaats als centrum van het geestelijke leven. Dit icoon dat terug te vinden is in geschriften, voorstellingen etc. komt ook in het metseltekenverhaal (met puntige onderkant) pas voor vanaf de 16de eeuw. Het lijkt dan ook weinig waarschijnlijk dat het hier niet zou gaan om een echt harticoon, maar om een ‘indringende ruit' of nog wat anders.
foto: Diest, Sint Elisabethgasthuis 
 

De opkomst van het gepunte icoon valt historisch ook samen met de opkomst van de reformatie, het groeiende protestantisme waardoor het gebruik als groot zichtbaar teken in gebouwen toch wel een mededeling brengt van: “wij geven het ‘heilig hart’ een ereplaats”, of naar anders gelovigen toe: achter deze muren klopt het hart voor katholiek geloof.... Hartfiguren worden niet terug gevonden op protestantse gebouwen.

 

Het Hart van Jezus figureerde in de opbloeiende verering als een Ark, Burcht of Veilige Haven, een toevluchtsoord voor de gelovige uit de antireligieuze buitenwereld. In dat opzicht blijft het hart een apotropaeïsch teken dat in de kern bezwerend-beschermend is, maar er bovenop toch wat extra mededeelt.

 

Een aantal figuuraanvullingen houden mogelijk rechtstreeks verband  met de christelijke hartverering. Een schuine lijn door het hart zou dan verwijzen naar de doorboring van het hart van Jezus aan het kruis. Een kruis boven het hart vormt een extra verwijzing naar het Christuskruis of naar een variante met vlammen boven het hart, zoals het ook werd gebruikt door de Augustijnen, hetgeen natuurlijk in metselwerk erg dient te worden gestileerd.
 
Wanneer het harticoon voorkomt in latere periodes en kan worden beschouwd als neo-teken, zal de betekenisinhoud allicht verruimen en kunnen ook meer wereldse gevoelens meespelen.
                              
 
Geïnteresseerden worden verder doorverwezen naar het artikel: "Het hart als populair symbool" van Katrijn D'hamers

   De specifieke toepassing van hartvormen in Waspik (Waalwijk)

vorige pagina                                volgende pagina