De Metselaar‎ > ‎Oorsprong-doel‎ > ‎Analyses‎ > ‎

Tihange, Château de Bonne Espérance

Château de Bonne Espérance
De geschiedenis van het kasteel is summier weergeven op de eigen website: kasteel van Goede Hoop (foto's)
Tihange, Château Bonne Espérance (photo H.Davidts)
Het huidige gebouw zou een heropbouw zijn uit 1588 van een vroeger aanwezig gebouw. Hiervan getuigen enkele jaarstenen o.a. aan de zuidzijde van de toren.
Dit lijkt een behoorlijk vroege datum te zijn voor het gebruik om te verwijzen naar het bouwjaar, zodat de mogelijkheid bestaat dat deze steen pas later bij een onderhouds- of restauratiebeurt zou zijn ingevoegd. De sporen op de gevels tonen duidelijk aan dat er in de loop der jaren diverse veranderingen zijn doorgevoerd o.a. aan de vorm en afmetingen van de ramen.

Zowel in Noord- als in Zuidgevel van de toren bevinden zich telkens 3 identieke ronde raamopeningen, oculi. Gezien het gaat om gelijkaardige openingen durf ik veronderstellen dat het origineel ging om drie identieke ramen waarvan in beide gevels op een bepaald ogenblik het onderste raam werd gevuld met een zonmotief aan de noordzijde en een maanmotief aan de zuidzijde.
Wanneer je goed kijkt naar het zonne-venster lijkt dit op een staaf en voet van zwart geglazuurde stenen te staan en heeft zo het voorkomen van een 'schijfcalvarie'. Een 'calvarie' is een veel voorkomende vorm bij metselaarstekens, opgebouwd uit een voet (verwijzend naar de Calvarieberg) met hierboven een staaf en meestal een kruisvorm. Dit kruis is komt echter ook soms voor in de vorm van een schijf (ruit of cirkel). Voorbeelden hiervan vind je o.a. terug op hoeves in Troignée (Hannut).

Bovenaan de toren bevindt zich aan de noordzijde een ruitkruis in wit geglazuurde stenen. Het ruitkruis is een typisch metselaarsteken van de tweede generatie (vanaf de 16de eeuw) met apotropaeische bedoelingen (bezwerend-beschermend). Metselaarstekens zijn in hun toepassing van Polen tot Engeland en van Frankrijk tot Denemarken hoofdzakelijk uitgevoerd met misbaksels: gesinterde of reducerend gebakken steenkoppen afkomstig uit moeilijk controleerbare veldovens. De hier toegepaste expliciete witte glazuurlaag is in ieder geval een uitzondering op deze regel gezien het speciaal voor dit doel gebakken steenkoppen betreft. In 1588 was dit in ieder geval zeer uitzonderlijk zodat ook voor dit ruitkruis de bedenking kan worden gemaakt of het niet in een latere fase is toegevoegd (niet het motief, wel de wit geglazuurde stenen). Anderzijds werd de metseltekentraditie ook beinvloed door lokale trends. Het valt mij op dat de enkele bekende voorbeelden van wit geglazuurde metseltekens (weliswaar recenter) toch uit de nabije omgeving komen: Beyne-Heusay (Liège) en Chaineux (Herve), Trivières (Hainaut).
Het aanbrengen van bezwerende tekens met witte kalk zit in dezelfde apotropaëische sfeer maar is toch een wezenlijk ander gebruik dat vooral op boerderijen is terug te vinden.
  
Het idee dat het ruitkruis zou verwijzen naar de Tempeliers of Johannieters lijkt mij heel erg onwaarschijnlijk en past eerder in een romantiserende sfeer als deze gestuwd door Dan Brown. Enkel in Alden Biesen (Bilzen) is de Noord-toren van het waterkasteel voorzien van een uniek dubbel metselaarsteken dat, in dat geval, wel lijkt te verwijzen naar de Duitse Orde.
Tihange, Château Bonne Espérance (photo H.Davidts)
 
Lager op de toren bevinden zich links en rechts van het wapenschild met de tweekoppige adelaar van het Heilig Roomse Keizerrijk, twee maalkruisen, of Sint-Andrieskruisen. Het is het meest voorkomende apotropaeische metselaarsteken op gebouwen. Het komt trouwens even goed voor op de muurankers van het kasteel in de vorm van smidstekens.
 
Metselaarstekens van de tweede generatie zijn meer bedoeld om gezien te worden en vandaar ook gericht naar de straatzijde. Ze komen eerder zelden voor op achtergevels tenzij deze ook zichtbaar zijn voor belangrijke gasten zoals bijvoorbeeld ook in de kastelen van Alden Biesen (Bilzen) en De Burg (Lummen).
In de achtergevel zijn er vage sporen van een dubbel maalkruis en een ruitkruis hetgeen in dat opzicht opnieuw vergelijkbaar is met de achtergevel van het waterkasteel van Alden Biesen (Bilzen) waar duidelijk zichtbaar is dat wijzigingen aan ramen oudere metselaarstekens hebben verstoord.
 
Zoals bij heel wat historische gebouwen hebben de gevels in de loop der tijden veranderingen ondergaan, tijdens grote restauraties met wijzigingen van gevelopeningen, tijdens kleine restauraties met vervanging van verweerde stenen. In ieder geval bestond er geen vast stramien in de toepassing van de tekens (aantal, plaats) en de combinatie van verschillende tekentypes. Om zeker te zijn van verdwenen vroegere metseltekens kan verder onderzoek informatie bijbrengen.
Dit verslag is opgesteld op basis van een analyse van foto's.

 
Marc Robben, 03.11.12.
Onderzoeksrapport toegevoegd: 27.11.16 (zie onderaan) 
 
 
 
Ċ
rapport.pdf
(2285k)
Marc Robben,
27 nov. 2016 09:29