De Metselaar‎ > ‎Analyse van tekens‎ > ‎

3 Generaties tekens

Het detailonderzoek van de metseltekens zelf lijkt te wijzen op een opdeling in drie generaties.
 
De eerste generatie heeft een hoofdzakelijk beschermend-bezwerende betekenis. Vanaf de eerste tekens loopt deze generatie door tot de 16de eeuw en deint dan verder uit, afhankelijk van lokale invloeden.
In het protestantse Nederland nemen de tekens duidelijk af vanaf de tweede helft van de 16de eeuw terwijl elders in katholieke milieus de overgang naar de tweede generatie ontstaat.
Vanaf de 16de eeuw ontstaat deze tweede generatie met een nieuwe reeks tekens die meer mededelend zijn, getrokken door hartmotieven en ruitkruisen. Vanaf de 17de eeuw is dit nog meer uitgesproken wanneer het gebruik van jaartallen en letters ontstaat.
In het oostelijk deel van Vlaanderen lijkt vanaf het laatste kwart van de 17de eeuw het gebruik van metseltekens toch wel sterk af te nemen.

 

Tekens van na 1700 worden dan beschouwd als een derde generatie van ‘neo-tekens’ met een louter decoratieve functie, die verder borduurden op zichtbare getuigen uit het oudere verleden… Als men op zoek gaat naar de (originele) betekenis houdt men deze dan ook beter wijselijk terzijde. Deze tijdsgrens valt mogelijk iets later voor (Frans-) Vlaanderen en de Thiérache-regio in Noord-Frankrijk.
Een mooi voorbeeld van deze neo-tekens zijn 3 kapelletjes in Beverlo-Beringen die allicht rond 1900-1920 werden gebouwd (één is ondertussen afgebroken). Mogelijk werden ze gemetst door eenzelfde metselaar die toch wel oog had voor de vormentaal van het verleden.
(foto's: Beringen-Beverlo: Beverpad, Zuidstraat, Genemeerstraat/Korspelsesteenweg).
 
           
 
Vorige pagina                                      Volgende pagina