De Smid‎ > ‎Muurankers‎ > ‎

Ankervormen

    
De vormgeving van de muurankers zelf heeft ook een duidelijke evolutie ondergaan. Zo zijn oude ankers meestal recht van vorm, af en toe in "S"-vorm. Later worden de uiteinden soms opengesneden en/of omgeplooid tot haak- of hartvormen of een dubbele krul. Uitzonderlijk toonde de smid meer creativiteit (hoeve Dessener in Kortessem met tal van vormen, slangvormen op de kerktoren van Kermt).
In Nederland vinden we reeds behoorlijk decoratieve vormen terug vanaf de 16de en de 17de eeuw. 
Vanaf de 17de eeuw (eerder uitzonderlijk in de tweede helft van de 16de eeuw) verschijnen er muurankers in de vorm van letters en/of cijfers. De meest voorkomende letters zijn de "a", "a + o", of "anno" gevolgd door het jaartal. Deze mededelende ankers bevinden zich normalerwijze aan de meest geziene zijde van het gebouw.
Vanaf de 18de-19de eeuw ontstaan in de neostijlen de meer ornamentele vormen (Meylandtkasteel te Heusden-Zolder). Ze evolueren vaak tot echte decoratieve gevelonderdelen.

 Het middenstuk van de veren was veelal verdikt om niet door het oog te zakken. Later wordt hiervan een krul gemaakt die in de loop der tijd evolueert tot een versiersel, zoals een bloem, blad, rozet of knop.

 
Vanaf 1800 neemt het gebruik van gietijzer enorm toe door de komst van de koepeloven. De hieruit volgende industriële vormgeving maakte reeksen van identieke ankers met een uiteinde voorzien van schroefdraad. Hierop werd een gietijzeren trekplaat geplaatst en met een bout werd het geheel vast gezet. Je vind in een zelfde regio dan ook vaak dezelfde kopplaten of rozetten terug.
Vanaf het gebruik van cementmortels ter vervanging van kalkmortels en stenen vloeren in plaats van houten, gaan de ankers stilaan verdwijnen.