Hoefijzers

Eén van de oudste verhalen waarin de bijzondere eigenschappen van het hoefijzer worden beschreven is de legende van Sint Dunstan, een Engelse bisschop die leefde in de tiende eeuw. Hij was niet alleen een groot geleerde, maar ook musicus en edelsmid. Op een zekere dag kwam de duivel bij de bisschop langs en vroeg hem zijn hoeven te beslaan. Dunstan zag meteen wie hij voor zich had, bond de duivel vast, zette één van zijn tangen op de neusgaten van de duivel en dwong hem zo te beloven dat hij nooit een huis zou binnengaan waar een hoefijzer aanwezig was. Er bestaan afbeeldingen van Sint Dunstan waarop hij de duivel met zijn tang bij de neus heeft.
Hoefijzers zijn al eeuwen lang gekend als geluksbrengers. 
Wanneer een hoefijzer wordt opgehangen met de opening naar boven, wordt het geluk als het ware opgevangen, als de opening echter naar beneden hangt loopt het geluk uit de opening en trekt het hoefijzer ongeluk aan. Ironisch genoeg zijn er ook plaatsen waar het hoefijzer juist met de opening naar beneden moet worden opgehangen, zodat het ongeluk eruit loopt.
Speelt de vorm een rol? Die doet wat aan de maan denken, zinnebeeld van welvaart en geluk. Of gaat het om de geleidbaarheid van het metaal? Heksen en feeën hadden een afkeer van metaal. Of is er een link met het paard, als machtig en krachtig dier, eeuwenlang steun en toeverlaat? Het hoefijzer staat hoog in de top van apotropaia.

Hoefijzers